Alles over Alblasserdam...

Column

Brugwachter van Holten doet verslag over de Meidagen van 1940 bij de Brug over de Noord (dinsdag 7 november 2017)

Afbeelding bij Column: Brugwachter van Holten doet verslag over de Meidagen van 1940 bij de Brug over de Noord

Wat gebeurde er precies bij de Brug over de Noord in de Meidagen van 1940? Er zijn allelei boeken en verhalen over geschreven, maar naar mijn weten heeft nog nooit een brugwachter, die in die dagen op deze brug aanwezig was, zijn belevenissen gepubliceerd. 'Correct me if I'm wrong', zoals de Engelsen zeggen.

(Hierboven een foto van hoe de brug er tegenwoordig uitziet, met een vrij modern brugwachtershuisje. In 1940 zag het er heel anders uit.)

Afgelopen weekend hoorde ik een bericht op de radio dat het Nederlands Intituut voor Militaire Historie allerlei verslagen openbaar zou maken. Dat moest ik dan maar eens uitzoeken. Eerst het bericht maar eens opgezocht. Op teletekst was daarvan gemakkelijk een schriftelijke weergave te vinden: 

Gevechtsverslagen mei 1940 online
"De verslagen van de gevechten tussen de Nederlandse en Duitse troepen in mei 1940 staan op internet. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie, NIMH, heeft de verslagen, die al wel openbaar waren, online gezet.

Vanaf nu kan iedereen ook vanuit huis onderzoek doen naar lotgevallen van militairen of gebeurtenissen in de gebieden waar werd gevochten. Nederland hield vijf dagen stand. De capitulatie volgde in de nacht van 14 op 15 mei.

In juli 1940 begon Nederland al met het verzamelen van bronnenmateriaal over de strijd. Daarbij werd aan militairen gevraagd wat ze hadden meegemaakt."

Als we nu gaan zoeken in dit bovengenoemde systeem van het NIVM op het zoekwoord Alblasserdam, dan komt er slechts een bericht naar voren, en wel een verslag van brugwachter A. van Holten over de eerste oorlogsdagen van 1940. En omdat dit verslag een heel interessante inkijk geeft op de oorlogsgebeurtenissen van mei 1940 gezien door de ogen van de brugwachter van de toen net nieuwe brug over de Noord, geef ik het complete verslag hier als mijn nieuwe column weer:

Verslag brugwachter A. van Holten:
"Vrijdag 10 Mei 1940, de eerste oorlogsdag, is hier alleen vrijwel rustig verloopen. Hoeveel vliegtuigen hier dien dag over gevlogen zijn, is niet te schatten. ‘s MIddags omstreeks 12.30 uur zagen wij parachutisten achter Hendrik-Ido-Ambacht neervallen. Omdat wij vermoedden, dat het om de brug alhier te doen was, hebben wij na overleg den Burgemeester van Alblasserdam met het geval in kennis gesteld. Die ons beval de brug onmiddellijk omhoog te halen en neer te laten voor Hollandsche militairen en dergelijke. Later op den dag kregen wij van den Commandant van Zuid-Holland bericht, in geen geval de brug neer te laten.

Te omstreeks 17.30 uur zagen wij vanuit de richting Hendrik-Ido-Ambacht een auto de brug naderen, waarin eenige Duitsche militairen gezeten waren, welke na hier en daar eens gekeken te hebben, terug gingen. Dat was voor ons het teeken op onze hoede te zijn. Te omstreeks 18.30 uur zagen wij Van Erk en ik, (Hamers was ondertusschen een poosje naar huis, wat wij dien dag om beurten deden) de zelfde auto, zijde Hendrik-Ido-Ambacht de brug naderen en voor aan de brug stoppen. Eenige Duitsche militairen stapten er uit en deden alsof zij aan de brug iets bevestigden en zagen wij hun met een kabel of zoo iets dergelijks over de brug loopen, waaruit wij afleidden, dat zij indien noodig de brug konden laten springen. Verder zagen wij, dat enige militairen, drie of vier, met hun geweer in den aanslag naar voren kwamen roepende "brug neer","brug neer", waaraan wij geen gevolg konden geven.

De voorzitter van de Luchtbescherming van Alblasserdam en nog iemand, vermoedelijk de Voorzitter van de Alblasserdamsche Burgerwacht, kwamen toen in het bedieningshuisje waarna wij onder door de kelder weg wilden gaan. Toen wij onder in de kelder waren, hoorde ik boven de telefoon bellen. Omdat ik vermoedde dat het de Burgemeester van Alblaserdam of de Commandant van Zuid-Holland zou zijn, ben ik, zooveel mogelijk dekking zoekende weer terug naar boven gegaan en bleek mij, dat de Burgemeester van Alblasserdam zich van de toestand hier op de brug wilde laten inlichten. Waarna wij, Hamers was ondertusschen terug, op advies van den Burgemeester door de kelder en onder langs het viaduct een goed heen komen zochten. Hierna hebben wij onze burgerkleeren aangetrokken en zijn toen in de buurt van de brug gebleven. Af te leiden van het feit, dat wij toch niets meer konden doen in het belang van ons Vaderland, zijn wij, na overleg met den Heer Vander Wild, te omstreeks 22 uur naar huis gegaan.

De daaraan volgende Zaterdagmorgen te omstreeks 2 uur, ontvingen Hamers en ik bericht van Vander Wild, of wij wilden komen. Toen wij bij Vander Wild kwamen, waren daar verschillende officieren, die ons meedeelden, dat vanaf de Scheepswerf de Noord en van de Kabelfabriek de brug zou werden beschoten, er gingen ± 50 militairen met een boot de rivier over. Zoodra het dan licht was, zouden andere militairen trachten de brug over te gaan. Wij waren geroepen om als het nodig was, de brug neer te laten.

Te omstreeks 4.30 uur, hebben wij voorafgegaan door eenige militairen, ons naar de brug begeven, waar wij alles vonden zooals wij het den vorigen avond verlaten hadden. De brug hebben wij toen laten zakken tot ongeveer een meter boven het brugdek zoodat de soldaten, die over de brug gingen, dekking achter de klap vonden. Na een poosje, merkte ik, dat Hamers niet meer bij mij in het brughuisje was, zoodat ik alleen telkens als mij dat gevraagd werd de brug bediende, totdat onze soldaten op de brug in zulk zwaar vuur zaten, dat het voor hen onmogelijk was op de brug te blijven, waarom zij besloten voorlopig terug te trekken en nadere orders af te wachten.

Nadat ik de brug weer geopend had ben ik te omstreeks 6.30 uur met de militairen mede naar den dijk gegaan waar Hamers en van Erk stonden. Op mijn vraag, waarom Hamers mij alleen gelaten had, antwoordde hij, dat hij tengevolge van het zware vuren niet meer naar de brug kon komen. Omdat ik dien morgen nog geen eten of drinken had gehad, ben ik toen met goedvinden even naar huis gegaan.

Opgemerkt zij, dat de groep militairen, die de brug over wilde onder leiding stond van een Vaandrig en een Onderofficier vermoedelijk van het 2e regiment Wielrijders.

Nadat ik een uur was thuis geweest, ben ik weer naar de brug gegaan. Toen ik aldaar kwam, hadden Hamers en van Erk brug weer neer gelaten en trachtten een groep militairen onder leidlng van een Onderofficier, vermoedelljk van hetzelfde regiment, weer over de brug te komen. Moedig gingen onze soldaten, die door den vijand zwaar onder vuur werden genomen verder, totdat te omstreeks 10 uur het eerste bombardement begon. Hoeveel vliegtuigen op onze soldaten en het brughuisje schoten, kan ik niet vertellen. Ik dacht op dat ogenblik niet dat ik er later nog een rapport van zou schrijven. Tijdens dit bombardement, kwamen de soldaten, die weg konden komen, in het brughuisje en vluchtten de trappen af door de kelder heen naar buiten, zodat ik niet anders kon doen dan rustig in het brughuisje wachten en zoodra ik de kans gekomen achtte, mij naar beneden begeven waar van Erk me opwachtte.

Na mij kwamen nog verschillende militairen door de kelder naar buiten, die allen zoo vlug zij konden, voor naar den weg gingen. De laatste was de Onderofficier, die bij ons bleef wachten. Omdat tijdens dit bombardement de brug gesloten was en er ieder oogenblik Duitsche militairen over de brug konden komen, besloten wij Van Erk en ik de brug weer zo vlug mogelijk op te gaan halen. De onderofficier ging voorop. Wat mij op dat oogenblik het meest verwonderde was, dat de brug nog schitterend opging. Hierna zijn wij naar den weg gegaan, waar Hollandsche officieren ons opwachtten, die ons mededeelden dat het voorloopig genoeg was en wij ons niet noodeloos in gevaar mochten stellen, wij moesten gespaard blijven omdat zij ons misschien later nog noodig zouden hebben.

Hamers was ongeveer 2 uur geleden een gewonde soldaat nagelopen en is door ons niet meer op de brug gezien. Later in de voormiddag is hij bij mij thuis wezen vragen hoe het op de brug gesteld was. Dien dag om een uur namiddag moesten wij tengevolge van een bombardeaent vluchtten en mochten wij niet in onze woning terug keeren. De Burgemeester van Nieuw-Lekkerland, naar welk dorp wij gevlucht waren, hadden wij verzocht ons adres aan een Commandant te melden. Dinsdagmorgen, 14 mei zijn wij nog voor een onderhoud bij den Commandant in Alblaserdam geweest. Den volgenden morgen toen Nederland overgegeven was, ging alles weer gewoon.

De uren in dit rapport vermeld zijn door mij geschat, zoodat verschil in tijd niet uitgesloten is."

ALBLASSERDAM.
door luchtbombardement. vernielde perceelen.

Raadhuis
Gemeenelandshuis
Hotel Café                   2
Boerderijen                  4
Kerkgebouwtje            1
Manege                       1 
Winkels                     26
Bakkerijen                   6
Woningen                121
Onbewoonbaar
verklaarde woningen   4
Garages                      2
Scheepswerf               1
(de Noord)
Opslagloodsen,
teer, benzine en olie
(hr.Lels)                      1
School                      41 lokalen
Totaal                      174

Opgave van den Gemeentesecretaris aan Kapt.Calmeier.

Tot zover het integrale verslag van brugwachter van Holten, die zoals uit zijn verslag blijkt samen met twee andere brugwachters met de namen van Erk en Hamers in de oorlogsdagen dienst had op de brug. Ook is er sprake van een zekere Vander Wild, maar wie dat zou moeten zijn is mij onbekend.

Hieronder de bladen van dit verslag waar ik bovenstaande van overgenomen heb:

Bronnen: Teletekst aan het NIMH

Hartelijk dank aan de makers van de originele afbeeldingen


Hennie van der Zouw

Hennie van der Zouw

Hier vind je de column van Hennie van der Zouw. Wil je reageren op een van de columns? Stuur hem dan een berichtje op hennie@avant.nl. Of bel hem op kantoor waar hij als vrijwilliger werkzaam is: Tel. nr. 088 - 65 40 402.

Over de columnist:

Hennie van der Zouw, oud leerkracht uit het basisonderwijs is geboren in Bolnes in de gemeente Ridderkerk en sinds 1995 is hij inwoner van Alblasserdam. Hennie is getrouwd en vader van een zoon. Hij is geinteresseerd in computers, I.C.T., stripverhalen, sport en geschiedenis.

Hennie heeft in de laatste vijftien jaar een aantal artikelen gepubliceerd in het Stripschrift, een blad met achtergrondverhalen over strips en het beeldverhaal in het algemeen.

Hennie is ook de webmaster van de websites van H.V. Anderz.

Hennie heeft inmiddels, onder pseudoniem een aantal sportboeken gemaakt en in eigen beheer gepubliceerd bij Brave New Books. De boeken over wielrennen, voetbal en schaatsen weerspiegelen Hennie;'s interesse in sport, en er zijn onder zijn eigen naam inmiddels ook twee bundels van zijn hier op www.alblasserdam.net gepubliceerde columns verschenen.

In december 2016, zo rond Sinterklaas is de tweede bundel van deze columns verschenen. Columns, altijd verankert in de geschiedenis, die proberen om Alblasserdam in het grotere verband van de wereldgeschiedenis en de tijd te laten zien......