zondag 17 oktober 2021

Alles over Alblasserdam

John F. Kennedy liet de kans liggen om Alblasserdam en Kinderdijk te bezoeken
John Fitzgerald (Jack) Kennedy geboren in Brookline (Massachusetts), 29 mei 1917 – Vermoord in Dallas (Texas), 22 november 1963), ook bekend onder zijn initialen JFK
13
okt

John F. Kennedy liet de kans liggen om Alblasserdam en Kinderdijk te bezoeken

Het was Dinsdag 24 augustus van het jaar 1937.

Op de dijk bij Kinderdijk stopte een auto, een Amerikaanse Ford Convertible, die zag je hier niet vaak. Twee jonge Amerikanen, duidelijk verschillend gekleed, de een droeg veel duurdere kleren dan de ander, stapten eruit en keken naar het prachtige langschap met de molens wat zich voor hun ogen ontplooide.

Hoewel de jongeman in de duurste kleren na een korte blik op de molens meer aandacht voor de Kinderdijkse vrouwen had die hij over de dijk zag lopen, kon hij toch het mooie molenlandschap ook wel waarderen, maar had er niet al te veel aandacht voor. Zo had hij ook niet in de gaten dat zijn collega een schop tegen de rechtervoorband van de Ford gaf, zijn pet naar achteren schoof en de ander uit zijn dagdromen over de vrouwen haalde, met de woorden, 'Jack, ik geloof dat we een lekke band hebben?' 

'Laat me eens kijken Lem,' want jij ziet dat natuurlijk niet zo goed met die bril.'

Maar het was wel degelijk een lekke band!

'Kan jij even de band verwisselen, Jack, zei Lem met een glimlacht, want ik zie natuurlijk niet zo goed en het is tenslotte jouw auto....

Helaas is bovenstaand fragment verzonnen. Helaas.

Maar wat zou het leuk geweest zijn als je nu bij de molens van Kinderdijk op een bordje kon lezen dat John F. Kennedy in 1937 een bezoek aan de molens van Kinderdijk had gebracht.....

Jazeker, Jack en Lem waren John Fitzgerald ('Jack') Kennedy, de latere president van de Verenigde Staten en zijn vriend Kirk LeMoyne ('Lem') Billings.

Maar het zou gekund hebben, want op deze dag, deze 24ste augustus van het jaar 1937 reisden Lem en Jack met de auto, een Ford Convertible van Den Haag naar Antwerpen. Het was hun laatste dag op het vaste land van Europa, vanaf Antwerpen zouden ze doorrijden naar Calais en dan oversteken naar Engeland voor een paar dagen en dan weer terug naar de States.

De jeugd van John F. Kennedy

John F. Kennedy kwam uit een van oorsprong Ierse rooms-katholieke familie. Zijn moeder heette Rose Kennedy. Zijn vader Joseph (Joe). Vader Joseph Kennedy was een politicus en een steenrijk zakenman. Het echtpaar had negen kinderen. 

John F. Kennedy, hun op een na oudste zoon bleek zeer intelligent en haalde goede schoolresultaten, maar hij had al vroeg een slepende ziekte aan zijn maag-darmstelsel en later zware rugproblemen die hem de rest van zijn leven zouden blijven kwellen. Hij woonde en studeerde enige tijd in Londen en maakte vóór de oorlog een reis door Europa, waarover hij in 1940 als afstudeerscriptie een scherp analyserend verslag schreef met daarin waarschuwingen tegen Hitler, getiteld "Why England Slept" over het Britse aandeel in het Verdrag van München, een scriptie die daarna als boek gepubliceerd een echte bestseller werd. John F. behaalde aan Harvard cum laude een diploma in internationale betrekkingen. 

De Reis naar Europa

Op zijn weg naar volwassenheid, zo rond 1936 raakt de toen negentien jarige en toekomstige president John F. Kennedy (Jack, voor vrienden) meer en meer geïnteresseerd in de zich om hem heen dramatisch ontwikkellende wereldpolitiek. Zijn vader, Joseph Patrick (Joe) Kennedy, politicus en ondernemer, adviseert hem in deze tijd, in de winter van 1936, om in de komende lente of zomer naar Europa te reizen nu het nog kan: een Europese oorlog ontwikkelt zich dreigend aan de Amerikaanse horizon!

Aan het eind van zijn eerste jaar op Harvard volgt Jack het advies op. Het wordt een heel interessante reis, te meer daar de toekomstige president ook Nederland aandoet; de eerste en laatste keer in zijn leven. Het zou een wervelende Grand Tour worden zoals hij het later zelf zou benoemen, 

Op 30 juni 1937, inmiddels is het dus zomer geworden, staat de twintigjarige Kennedy op de kade in New York met zijn eigen Ford Convertible en zijn trouwe vriend Lem Billings. De reis haalt zelfs een lokale krant in Pittsburgh, waar Billings vandaan komt: “Ze gaan drie weken naar Spanje, het door oorlog verscheurde land, om daar oorlogsomstandigheden te bestuderen,” zo schrijft een blijkbaar goed ingevoerde journalist....

Maar....., uiteindelijk zullen ze geen enkele voetstap in Spanje zetten en duurt de hele trip bijna vijftien weken. Het passagiersschip de SS Washington (zie foto hierboven) waar ze in New York op inscheepten, arriveert op 7 juli in Le Havre, Frankrijk. De Ford van Kennedy wordt ruw van het schip getakeld en blijkt vier gedeukte en gekraste spatborden te hebben. Het voertuig is in 1937 een hele bezienswaardigheid in Europa, vanwege het invouwbare dak: cabrio’s rijden er nog niet veel in dit deel van de wereld.

Dagboeken

Jack Kennedy en Lem Billings houden over deze reis ieder hun eigen dagboek bij. Het is de vooravond van de Tweede Wereldoorlog en Kennedy maakt zich grote zorgen over het verval van de democratie. 

Je zou hun reis aan de hand van hun dagboeken zo kunnen overdoen: John F. Kennedy’s dagboek (hiernaast de voorkant) wordt later online aangeboden door de Kennedy Library. Voor het dagboek van Lem Billings zul je naar een archief in Boston moeten. 

Het wordt een onvergetelijke reis voor de twee jonge Amerikanen. In hun eerste week genieten ze vooral van het Franse landschap en overnachten ze onder meer in de steden Rouen en Reims. De kathedralen maken heel veel indruk op hen. Bij het Amerikaanse oorlogsmonument voor gevallenen in de Eerste Wereldoorlog, toen nog de Grote Oorlog genoemd, in de plaats Chateau-Thierry, staan ze stil bij de vele slachtoffers die daar begraven liggen. Ze arriveren hier echter net na sluitingstijd en klimmen over het hek, niet veel later komen ze erachter dat een grote waakhond het daar niet zo mee eens was. Daarna trekken ze verder Frankrijk in en gaan nu richting Parijs.

Parijs

De beide Amerikaanse jonge heren zijn geïnteresseerd in de sociale structuren in Frankrijk, in politieke stelsels en vooral ook in de plaatselijke schoonheden. Lem Billings weet veel van architectuur en kunst, Kennedy wil overal waar ze komen, horen wat de Fransen van de toenmalige Amerikaanse President Franklin Delano Roosevelt vinden en van de nu toch wel steeds dreigender oorlog. In Parijs blijven ze meerdere dagen. Ze bezoeken er de belangrijkste bezienswaardigheden en zijn op de Wereldtentoonstelling vooral geïmponeerd door nieuwe militaire vliegtuigen. In de lange geschiedenis van de wereldtentoon-stellingen behoort die van 1937 in Parijs helaas niet tot de best herinnerde, mede ook door de dominantie en latere verwerping van het monumentalistische uitdrukkingsvorm van totalitaire regimes. Cultuurhistorisch gezien noemt historicus Karl Schlögl het echter een van de meest interessante: 'Voor de laatste keer voor de Tweede Wereldoorlog, kwam alles bijeen wat had geloofd in het herstel van de Europese civilisatie, na de catastrofe van de Eerste Wereldoorlog', zo schrijft hij in een van zijn boeken, 'maar nieuwe frontlijnen dienden zich ook hier reeds aan'. 

In Parijs woonden ze ook een mis bij, waarbij de handige Jack maar zes plaatsen van de Franse president Albert Lebrun af kwam te zitten en Lem ergens zonder uitzicht achterin de kerk. 

Jack Kennedy gaat in Parijs ook nog naar een bioscoop met een meisje dat hij had leren kennen op hun heenreis op het passagiersschip de SS Washington, de vrienden dansen en zingen op de nationale feestdag op 14 juli en drinken liters champagne in de Parijse uitspanning Harry’s New York Bar, die ook nu nog steeds te vinden is in de Rue Daunou. (Zie foto van Google Streetview hieronder, waarop Harry's Bar erg gesloten lijkt)

De reis van beide heren gaat verder in zuidelijke richting. Ze bezoeken Versailles, Chartres, Orléans, het Château de Chambord, Amboise, Chenonceaux, Angoulême. Ze rijden vrij zorgeloos door het Franse platteland, doen enorm veel indrukken op, ontmoeten mensen van allerlei slag en natuurlijk feesten ze er op los.

En dan rijden ze vervolgens in Kennedy’s snelle tempo naar het zuiden van Frankrijk, tot op een kilometer of tien van de Spaanse grens. In de Baskische kustplaats St.-Jean de Luz hebben ze een luxe verblijfs accommodatie: de villa van familie van een Harvard-studiegenoot. Ze spelen er tennis en jeu de boules, ’s avonds kijken ze naar films. 

John F. Kennedy leest hier ook serieuze boeken over de situatie in het  Europa van die tijd: over onder meer de opkomst van de fascisten en de nationaalsocialisten en over de oorlog die Generalissimo Franco voert in Spanje. “De mensen kunnen wreed zijn hier”, schrijft hij in zijn dagboek. en ook hoorden ze de verhalen aan van Spaanse overheidsnotabelen die Franco's bloedige burgeroorlog waren ontvlucht. In Biarritz zagen ze een stierengevecht en verbaasden ze zich vooral over de bloeddorstige moeder die naast hen in het publiek zat. “Walgelijk.”

Volgende stops zijn Lourdes, hier wordt Lem ziek, in plaats van beter. Toulouse en de ommuurde stad Carcassonne, een monument uit de Middeleeuwen. Op 30 juli bereiken ze de Côte d’Azur en bezoeken Cannes en Monte Carlo. In Monte Carlo maakte de latere Amerikaanse President winst aan de goktafel..... 

Italie

Italië binnenkomen is in deze dagen van 1937 een ware bureaucratische beproeving. Als ze eindelijk verder kunnen reizen, vergapen ze zich in Milaan aan de vele beeltenissen van Mussolini. Na Piacenza nemen ze twee jonge Duitsers mee op de achterbank. Ze bezoeken met zijn vieren Pisa, beklimmen de toren en maken de foto’s die iedere toerist daar maakt – alsof je de scheve toren tegenhoudt bij zijn val.

In Rome nemen ze afscheid van de lifters en hangen ze flink de toerist uit, hier hoort Jack Mussolini spreken. ‘Zou fascisme mogelijk kunnen zijn in een land met een economische welvaartsverdeling zoals in de VS?, in het Vaticaan hebben ze een privé-audiëntie met kardinaal Pacelli, de latere paus Pius XII – een kennis van Jacks ouders. Als ze vervolgens doorrijden naar Napels, nemen ze opnieuw twee Duitse lifters mee. Ditmaal gaat het om soldaten.

Vesuvius, Napels, Zee, Stad, Lucht

De vier mannen rijden die dag de Vesuvius op (zie foto hierboven) en vinden na lang zoeken een slaapplaats. De Duitsers overnachten in de auto, Billings krijgt de laatste kamer van het hotel en Kennedy slaapt bij een kamermeisje. Baas boven baas. Ze ontmoeten hier ook de Italiaanse correspondent van The New York Times en spreken met hem over de spanningen in Europa. ’s Avonds zijn beide Amerikanen succesvol bij de andere sekse, na een leuke avond in een nachtclub en rijden daarna terug naar het noorden, richting Duitsland.

Ze beleven weinig plezier een bezoek aan Florence en genieten van Venetië – en dan is het tijd om Italië te verlaten. Billings zit steeds vaker achter het stuur. Kennedy heeft zijn hele leven last gehad van talloze kwalen, maar nooit van zijn rug. Het ongemak begint deze trip en neemt heftige vormen aan; hij zal er vervolgens de rest van zijn leven last van blijven ondervinden.

Duitsland

Met een vrouwelijke liftster reizen ze over de Brennerpas naar het Oostenrijkse Innsbruck. Ze verblijven een nacht in een armoedige jeugdherberg en rijden dan via Garmisch-Partenkirchen waar een jaar eerder de Olympische Winterspelen van 1936 gehouden waren, door naar München. 'Je ontkomt er niet aan in deze Zuid-Duitse stad: overal zijn hakenkruizen en portretten van Hitler. In Duitsland zijn hij en Billings het ‘Heil Hitler’ langzamerhand spuugzat. De nazi’s vindt hij erg arrogant en ze reizen door naar Neuremberg.

Op weg naar Neurenberg, waar de Führer die week een toespraak zal houden, stuiten ze vervolgens op “de aardigste Duitser die ze ooit hebben ontmoet”, een teckel. Voor de lol kopen ze in ergens in Württenberg dat hondje voor acht dollar, ze noemen hem Dunker. ‘Het enige Duitse woord dat ze kennen’, schrijft Jack nog. Het is nog maar een puppy en Kennedy is direct verkocht. Ze betalen acht dollar en noemen het beestje dus Dunker. Beide Amerikanen gaan er trots mee op de foto. Ze willen zelfs nog een speelkameraadje kopen, maar geen andere teckel kan tippen aan Dunker. De bekleding van de Ford zit snel vol bruine vlekken en de urinelucht is niet te harden, maar Kennedy en Billings winden zich er geen moment over op. Jack heeft sowieso andere zaken om zich druk over te maken. Zijn rugpijn wordt steeds heviger en daarnaast is hij plotseling ook enorm verkouden.

Al snel vrezen ze dat Jack last heeft van een allergie voor hondenhuidschilfers. En toen, op 22 augustus, vertrokken ze naar Nederland. De paar dagen die ze daar doorbrachten maakten na deze reis door Europa weinig indruk, zoals blijkt uit onderstaande teksten uit Jacks dagboekverslag:

Zondag 22 augustus: Van Keulen naar Amsterdam

Over hun laatste uren in Duitsland in de stad Keulen schrijft Jack Kennedy: 'Opgestaan op de slechtste dag tot nu toe en voor het eerst op goede voet afscheid genomen van de vrouw. De vrouwen lijken het eerlijkst - gek eigenlijk. Naar de mis in de gotische kathedraal geweest, werkelijk een hoogtepunt in gotische architectuur. Het mooiste wat we tot nu toe hebben gezien. Daarna naar Utrecht vertrokken over een van de nieuwe Duitse snelwegen, de beste wegen ter wereld. Onnodig in Duitsland eigenlijk, omdat hier zo weinig verkeer is, maar ze zouden goed passen in Amerika, waar geen snelheidslimieten zijn. Rondgekeken naar andere honden en toen de grens naar Nederland overgetrokken, waar iedereen eruitziet als Juliana en Bernard.'

Onze Prinses Juliana en de Duitse Prins Bernhard waren een halfjaar eerder getrouwd, op 7 januari 1937. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Joseph Kennedy ambassadeur voor de Verenigde Staten in Londen. Sindsdien hebben de Kennedy's vaak contact gehad met de familie Van Oranje.

Jack vervolgt in zijn dagboek: 'Belasting betaald bij het oprijden van de weg, in plaats van als toeslag op de benzine. Een goed idee, lijkt me, omdat het de bezine goedkoper maakt en zo het reizen dus ook goedkoper maakt, in elk geval voor toeristen. Ik denk overigens dat ook de geringe omvang van Nederland daar wellicht iets mee van doen heeft. Gestopt in Doorn en gezien waar de voormalige Duitse Keizer Wilhelm II woont, hoewel zijn landgoed helemaal met prikkeldraad is omgeven. Daarna doorgereisd naar Amsterdam, waar we voor twee Nederlandse guldens een verblijf vonden.'

Maandag 23 augustus: Van Amsterdam naar Den Haag

'Opgestaan en rondgekeken of we nog een teckeltje konden vinden, zelfs naar de hondenmarkt geweest - maar helaas, geen geluk. Langs het museum geweest en Rembrandts beroemde Nachtwacht gezien, dat zo'n interessante historie heeft. 's Middags een test gedaan om te zien of het de hond is die me de hooikoorts gaf. Dunker blijkt de oorzaak van zijn gesnotter en ze zullen van hem af moeten en daarna vertrokken ze naar Den Haag.'

De nacht in Den Haag was goedkoop, want ze overnachtten bij het Leger des Heils voor slechts 40 cent. Nog eenmaal poseren ze met het hondje, zittend op het spatbord van de Ford, voor Sociëteit De Witte aan het Plein (zie eerder hierboven afgebeelde foto). Voor beiden blijft het hondje altijd een symbool van hun vooroorlogse Europese avontuur.

Dinsdag 24 augustus: Van Den Haag naar Antwerpen

Ze overnachtten in het toenmalige hotel-restaurant Elim, van het Leger des Heils, aan de Wagenstraat 119. (Zie foto van Google streetview hierboven) 'Opgestaan en bij de American Express op een man gestuit die geïnteresseerd was in de overname van de hond. We besloten er even over na te denken en namen eerst een kijkje in de stad Den Haag.' Een Britse student geeft ze nog een rondleiding, maar Jack en Lem vinden Den Haag maar saai. Daarna de hond verkocht voor 5 gulden. Ze zijn die dag ook nog even in Scheveningen, waar ze zich op de Vissershavenweg laten fotograferen met een vrouw in klederdracht. Een vrouw en twee kinderen passeren op de foto (zie helemaal hieronder). Onderzoeker Michiel Hegener, die de exacte locatie van de foto vond, heeft in 2017 nog geprobeerd achter de identiteit van de Nederlanders te komen – helaas vruchteloos.

'En toen koers gezet richting Antwerpen, waar ik moeder collect belde, wat ons echter 60 francs kostte. Ik moet beter Frans leren.'

En weg waren ze. Het was hun laatste ontmoeting met Nederland. Maar wat hebben ze tussen Den Haag en Antwerpen gedaan. Jammer genoeg, zoals ik dit verhaal begon, zijn ze niet langs Kinderdijk geweest. een gemiste kans voor de latere President.

Volgens een verhaal wat oud-journalist Hans Berrevoets me vertelde, hadden ze ook in Dordrecht wel een Restaurantje kunnen pikken, maar of dat zo was, mag u zelf in het dagboek van John F. Kennedy opzoeken. Hierbij voor uw gemak de pagina waarin Jack Kennedy, met helaas weining details, de reis van Den Haag naar Antwerpen beschrijft....... 

Ze zullen in Rotterdam de Maasbruggen overgereden zijn en dan verder naar het zuiden, hoogstwaaschijnlijk over de Barendrechtse Brug of in de buurt van Dordrecht overgevaren, en dan over de Moerdijkbruggen door naar Brabant en zo verder naar Antwerpen waar Jack dus zijn moeder belde..

De trip komt nu bijna tot een einde. Via Antwerpen en Gent snellen ze naar Calais, waar ze de veerboot naar Engeland nemen. In Londen trekken ze in, in een goedkoop pension op Talbot Square, in de wijk Paddington. Voor Kennedy is het leed nog niet helemaal voorbij: hij heeft plotseling netelroos. Vier verschillende dokters worden er opgeroepen totdat uiteindelijk de jeukende huiduitslag verdwijnt. En dan is er nog een laatste trip om de reis goed af te sluiten. Billings en Kennedy trekken naar Schotland. Ze bezoeken er de eigenaar van Haig & Haig, het whiskeymerk waarvan vader Joe Kennedy de exclusieve exportrechten heeft. Ze eten er heerlijke maaltijden en gaan samen met de excentrieke zakenman jagen.

Maar dan is de reis echt ten einde, maar het verhaal nog niet. Op de boot terug naar Amerika ontmoette Kennedy een Nederlandse worstelaar, die vertelde dat hij onlangs in Zuid-Afrika tot wereldkampioen was uitgeroepen en dat hij nu, op weg naar een nieuwe titelstrijd in New York, naarstig op zoek was naar een sparringpartner, die allicht kon dienen als een korte warming-up. De scheepskok had hij reeds getest en te licht bevonden, maar gelukkig had de jonge Kennedy wel iemand op het oog. 'Mijn beste vriend LeMoyne Billings,' blufte Kennedy over zijn maatje, die op school inderdaad niet onverdienstelijk had kunnen worstelen, 'heeft al een stuk of vier prestigieuze toernooien gewonnen.' Met verve dikte hij Billings' worstelcarrière steeds iets meer aan en natuurlijk ging de Nederlander akkoord met een gevecht.
        
'Ik heb in de sportzaal iemand ontmoet die competitie nodig heeft van een goede worstelaar,' zei Kennedy later in de scheepssalon tegen Billings. Die vroeg zich af wat voor worstelaar nu toch zo fanatiek was dat hij competitie nodig had om in vorm te blijven, maar hij ging akkoord. En zo trad de nietsvermoedende - en slechts 87 kilo zware - Billings de volgende dag aan tegen de zeker 50 kilo zwaardere wereldkampioen. Het werd een slachtpartij, maar Kennedy zou later zeggen dat niets hem ooit meer plezier had gedaan dan de aanblik van zijn allerbeste vriend die de rest van de reis - dag in dag uit - op de mat werd geworpen door de Nederlandse bruut. 

Lem is de flauwste niet, maar zal stiekem wel blij geweest zijn als op 16 september de Amerikaanse kust opdoemt. “Het was een heerlijke trip”, schrijft hij. “Ik vind het erg jammer dat het voorbij is.”

Kennedy zou nog een keer door Europa reizen vóór de Tweede Wereldoorlog: hij was zelfs nog in Berlijn een week voor Hitler Polen binnenviel. Hij had natuurlijk toen ook best een uurtje vrij kunnen maken om een bezoekje aan Kinderdijk te brengen, maar ook nu deed hij het niet........ 

 

 

Bovenstaande is gebaseerd de dagboekfragmenten van John F. Kennedy gemaakt over zijn reis met Lem Billing door Europa in 1937. Hartelijk dank aan het verhaal hierover van Jan-Alexander Heimel en Henri de By in het Historisch Nieuwsblad. Ook dank aan de website USA365.nl waar ik ook veel gegevens op kon vinden. 

En niet te vergeten dank aan Hans Berrevoets voor zijn idee.

Alle zwart-wit foto’s van John F. Kennedy op deze pagina zijn van de John F. Kennedy Presidential Library and Museum

Interessant: Het complete dagboek van Kennedy op de site van de JFK Library.

Een vriendelijke groet van uw columnist,
Hennie van der Zouw. 

 

 

 

Column nummer 71.

 

Zie ook: 
https://www.historischnieuwsblad.nl/john-f-kennedy-in-nederland/
https://usa365.nl/john-f-kennedy-in-nederland/

Hieronder nog een korte biography van John F. Kennedy, hartelijk dank aan de makers.

 

 

Deel dit bericht met je vrienden!

Hennie van der Zouw

Hennie van der Zouw

Hennie van der Zouw, oud leerkracht uit het basisonderwijs en inmiddels 'pensionado' is geboren in Bolnes in de gemeente Ridderkerk en sinds 1995 is hij inwoner van Alblasserdam. Hennie is getrouwd en vader van een zoon. Hij is geinteresseerd in computers, I.C.T., stripverhalen, sport en geschiedenis.

Hennie heeft in de laatste dertig jaar een aantal artikelen gepubliceerd in het Stripschrift, een blad met achtergrondverhalen over strips en het beeldverhaal in het algemeen.

Hennie is ook de webmaster van de websites van H.V. Anderz.

Hennie heeft inmiddels, onder pseudoniem een aantal sportboeken en een eerste deel van een roman-cyclus geschreven en in eigen beheer gepubliceerd bij Brave New Books. De boeken over wielrennen, voetbal en schaatsen weerspiegelen Hennie 's interesse in sport. 

Er zijn onder zijn eigen naam inmiddels ook drie bundels van zijn op alblasserdam.net gepubliceerde columns verschenen en ook heeft hij een tweedelige biografie over zijn vader geschreven. Heel trots is Hennie ook op het boek over Hein, de broer van zijn vader, waar hij naar vernoemd is.

In 2021 is de derde bundel van de columns verschenen. Columns, altijd verankert in de geschiedenis, die proberen om Alblasserdam in het grotere verband van de wereldgeschiedenis en de tijd te laten zien......

  

 

Overzicht columns