zaterdag 15 augustus 2020

Alles over Alblasserdam

27
jul

Waarom waren er in de zomer van 1304 zoveel Vlaamse soldaten in Alblasserdam?

De in Sliedrecht geboren historicus en nu in Dordrecht woonachtige Henk 't Jong, in een vorig leven ook nog striptekenaar geweest voor de in de zeventiger en tachtiger jaren uitgegeven versies van de stripbladen Pep, de Sjors en de Eppo, verrast ons nu wederom met een nieuw prachtig uitgevoerd geschiedkundig meesterwerk over Dordrecht, de oudste stad van ons land.

Dit onlangs uitgekomen nieuwe boek van Henk 't Jong over Dordrecht laat ook zijn licht, zei het heel schemerig, schijnen over de omgeving van Dordrecht. En in deze door Henk 't Jong geschetste schemerige vroege middeleeuwen, ontwaren we ook wat gegevens over Alblasserdam maar daarvoor moeten we eerst wel even een duik in de Middeleeuwse geschiedenis nemen. Niet helemaal tot aan het ontstaan van Dordrecht, maar wel tot aan het jaar 1297.

Dit jaar 1297 is trouwens ook 2 jaar voordat de naam Alblasserdam voor het eerst wordt genoemd in een kroniek van Melis Stoke uit 1299.

In 1297 keerde graaf Gwijde van Dampierre, de toenmalige graaf van Vlaanderen, zich tegen de Franse invloed in zijn graafschap Vlaanderen en sloot hij daarom een militair verbond met Engeland. In het jaar 1300 was echter het Franse geduld met Gwijde van Dampierre op en de Franse Koning Filips de Schone liet Vlaanderen bezetten met hulp van Fransgezinde stadsbesturen, de zogenaamde leliaards. Graaf Gwijde werd gevangengezet, maar kon rekenen op steun van de Liebaards: de adel, de ambachtslieden en de boeren.


Afbeelding hierboven: Warm onthaal van Willem van Gulik in Brugge in mei 1302.

Openlijk verzet tegen de Franse bezetting vond plaats tijdens de Brugse Metten op 18 mei 1302 met een bloedige overval van Bruggenaren op de Franse troepen, die een dag eerder de onrustige stad hadden ingenomen. deze overval bleek de opmaat voor een bevrijdingsoffensief richting de zuidelijker gelegen stad Kortrijk en op 11 juli 1302 werden de Fransen bij die stad verslagen in de Guldensporenslag onder leiding van Willem van Gulik, Gwijde van Namen, Phillipus Baelde, Pieter van Belle, en Jan III van Renesse.

Deze Slag bij Kortrijk, beter bekend dus als de Guldensporenslag, vond plaats op het zogenaamde Groeningheslagveld, een 'kouter' te Kortrijk in de huidige wijk Sint-Jan, op 11 juli 1302 tussen milities uit het graafschap Vlaanderen, dit betrof toen het gebied rond het huidige Frans-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen en het leger van de Koning van Frankrijk, Filips IV. Deze veldslag was in militair opzicht heel opmerkelijk, omdat piekeniers en boogschutters in staat bleken een ridderleger te weerstaan. Dit betekende nog niet het einde van deze ridderlegers, zoals onder meer bleek uit overwinningen door Ridderlegers in veldslagen bij Kassel (1328) en Westrozebeke (1382).

In historisch opzicht was de Guldensporenslag later ook nog van enorm belang door de rol die deze vanaf de negentiende eeuw speelde in de Belgische bewustwording en de groei van de Vlaamse Beweging die daarop volgde. Hierbij raakten de feodale, sociale en economische motieven op de achtergrond en kreeg het conflict ook nog een een nationalistisch karakter toebedeeld.

Een belangrijke bijdrage tot de collectieve bewustwording van deze gebeurtenis in Vlaanderen werd ook geleverd door Hendrik Consciences roman De Leeuw van Vlaanderen uit 1838, die een geromantiseerd beeld van deze strijd schetste. Dit werk was een vorm van Belgische literatuur die verscheen om de nieuwe Belgische staat, na de afscheiding van Nederland van 1839, historisch te ondersteunen.

Op de afbeelding hiernaast zien we Gwijde van Dampierre (1226-1305) met twee echtgenotes waar hij achtereenvolgens mee getrouwd was: Mathilde van Béthune en Isabella van Luxemburg (afbeelding uit Flandria illustrata, 1641)

Door de rust in het zuiden van zijn gebieden kon Gwijde van Dampierre, de graaf van Vlaanderen, zich nu richten op zijn oude rivaal, Jan II van Avesnes, graaf van Holland en Henegouwen. Deze had in de Guldensporenslag meegestreden met de Fransen. In februari 1303 werd het offensief in Henegouwen begonnen. Lessen werd op 2 april veroverd en met 22 dorpen in de omgeving in brand gestoken. Als wraak op deze wrede daden van de soldaten uit Vlaanderen ging de toen nog maar zeventienjarige zoon van Jan van Avesnes, Willem, op plundertocht vanuit Arnemuiden naar Terhofstede op het eiland van Cadzand.

Hierop formeerden de Vlamingen in Sluis in Zeeuws-Vlaanderen een vloot die onder Gwijde van Namen, de zoon van Gwijde van Dampierre, de V;laamse rechten op Zeeland opeiste. Dit opeisen werd gesteund door het Vlaamsgezinde deel van de Zeeuwse edellieden, die door Willem van Avesnes intussen waren verbannen. Op 23 april verliet de vloot de haven op weg naar het Sloe, tussen Walcheren en Zuid-Beveland. Jan II van Avesnes liet de verdediging van zijn landen over aan zijn zoon Willem.

De Vlamingen veroverden daarna heel Walcheren en de overige Zeeuwse eilanden. Slechts Zierikzee wist stand te houden tegen de Vlaamse overmacht. Begin juli werd een wapenstilstand gesloten, waarbij graaf Jan II de eilanden tot aan de Maas afstond aan Gwijde van Namen, met uitzondering van Zierikzee, dat echter niet mocht worden versterkt.

Na nog wat plundertochten in het noorden van Frankrijk door de Vlamingen zegden zij in het voorjaar van 1304 het bestand op met het Grafschap Holland. De Vlamingen trokken om Zierikzee heen Holland en Utrecht binnen en kregen dus zo ook Alblasserdam in handen, waarna Jan II van Brabant zich bij ook nog de Vlamingen aansloot. In maart 1304 brachten zij onder Gwijde van Namen op Duiveland nog een nederlaag toe aan de legers van Jan II van Avesnes zoon Willem.

Alblasserdam kreeg dus een groep Vlaamse veroveraars in het dorp en dat is gelijk het antwoord op de vraag in de titel.


Afbeelding hierboven: Het gehavende gezicht op de graftombe van Gwijde van Avesnes (1253-1317) in de Domkerk te Utrecht. Gwijde van Avesnes of ook wel van Henegouwen genaamd, was bisschop van Utrecht van 1301 tot 1317.

Laten we even het vervolg en de afloop van deze invasie verder bekijken. Bisschop Gwijde van Utrecht werd in die tijd ook gevangengenomen en in de stad Utrecht volgde een anti-Hollandse reactie. Holland en Zeeland zelf vielen grotendeels in handen van Gwijde van Namen of van Jan II van Brabant, die zich bij de aanvallers had gevoegd. Utrecht, Leiden en Delft werden ook nog ingenomen.

Alleen Dordrecht en Haarlem hielden stand. Witte van Haemstede, de bastaardzoon van graaf Floris V van Holland, wist de Hollandse steden echter weer aan de zijde van Willem te brengen, waarna de Vlamingen zich terugtrokken uit Holland. Hierop volgde het Vlaams beleg van Zierikzee. Zierikzee hield stand, maar dreigde te verhongeren.

Ondertussen verliep eind juni het bestand met Frankrijk. De Franse Koning Filips de Schone had intussen een nieuw machtig landleger gevormd dat begin augustus de zuidgrens van Vlaanderen overstak en via een omweg Doornik bereikte. Een paar weken daarvoor had Filips de Schone zijn admiraal Reinier Grimaldi naar Holland gestuurd om steun te bieden. Op 10 en 11 augustus vond de Slag bij Zierikzee plaats. Dit resulteerde in een Frans-Hollandse overwinning op de Vlaamsen, waarna de Vlamingen het beleg ophieven. Een week na de slag versloeg het grote landleger van Filips de Schone de Vlamingen in de Slag bij Pevelenberg.


Afbeelding hierboven: de Slag bij Pevelenberg. Fantasie afbeelding uit 1839/1840.

Uiteindelijk bij de Vrede van Parijs van 1323 tussen de Graafschappen Vlaanderen en Henegouwen/Holland zag de graaf van Vlaanderen af van zijn aanspraken op Zeeland, door Willem de Goede (1287–1337) te erkennen als graaf Willem III van Henegouwen, Holland en Zeeland. De Honte - later Westerschelde genoemd - werd nu de grens tussen de graafschappen Vlaanderen en Zeeland. En hiermee vond deze bloedige episode in ons land toch nog een redelijk goed einde.

Over wat de Vlaamse troepen in Alblasserdam gedaan hebben, is mij tijdens mijn onderzoek naar deze column eigenlijk niets duidelijk geworden. Zijn ze er wel geweest? Of was Alblasserdam in die tijd nog veel te klein en onbelangrijk en zijn ze er alleen maar door of langs gekomen op weg naar Utrecht? Maar ik kan me wel voorstellen dat ze Alblasserdam en de boerderijen in de omgeving geplunderd hebben. Daar zou toch misschien ergens nog wat over te vinden moeten zijn? Misschien een nieuwe uitdaging voor Henk 't Jong......  

Maar nu nog even terug naar het nieuwe boek van Henk 't Jong wat de aanleding voor deze column was.

De oudste stad van Holland
In zijn inmiddels vertrouwde stijl maakt Henk 't Jong ons duidelijk waarom Dordrecht de oudste stad van Holland is. Het boek is rijkelijk gelardeerd met mooie prenten ter verduidelijking.

Minpunt vind ik echter het dubbel afdrukken van een groot aantal afbeeldingen. Waarom wordt dit gedaan?

Een ander minpunt vind ik helaas dat de tekst op sommige plaatsen wel wat meer uitvoeriger had gekund. Maar verder is het een zeer leesbaar boek geworden wat een must is voor iedereen die een beetje of heel veel van Dordrecht houdt.

De oudste stad van Holland
Opkomst en verval van Dordrecht, 1000-1421
Auteur: Henk 't Jong

In De oudste stad van Holland neemt historicus Henk ’t Jong ons mee naar het ontstaan en de eerste bloeitijd van Dordrecht. Na de ontginningen in het begin van de elfde eeuw en de stormvloeden in de twaalfde eeuw ontwikkelde de nederzetting zich tot een handelsplaats. De Hollandse graven kenden stadsrechten toe in ruil voor tweederde van de geïnde boeten en een vast bedrag per jaar. Vanaf 1220 kon Dordrecht haar eigen wetten maken en kreeg het speciale voorrechten. Daardoor groeide de bevolking en werd het de grootste stad van Holland. Dordrecht viert in 2020 dat zij 800 jaar stadsrechten bezit, een mooi moment om terug te kijken. In De oudste stad van Holland laat Henk 't Jong zien hoe de stad zich ontwikkelde van kleine handelsplaats tot de grootste stad van Holland. (Bron: Uitgeverij Omniboek)

Ben Corino van Studio De Witt:
‘Het is een zeer lezenswaardig en inzicht gevend boek geworden over het ontstaan van Dordrecht tot stad. 'T Jong geeft beschrijft ook nauwgezet en helder welke invloeden van belang waren in de machtsverhoudingen. Hoe de geografische ligging van de stad tot de opkomst en bloei van Dordrecht leidde is een opmaat voor latere steden. Dit maakt het boek dus interessant ook voor bijvoorbeeld Rotterdammers en Amsterdammers etc. Een aanrader!’

Leendert Hoogvliet:
'Boeiend boek dat een belangrijke Dordtse lacune / interessante tijd mooi inkleurt. Aanrader/must have voor elke Dordtenaar m/v die ambassadeur / ambassadrice van onze stad wil zijn of worden!’

Historisch Informatie Punt -HIP- Dordrecht:
‘We zijn niet snel onder de indruk van een boek over Dordrecht, maar dit exemplaar zou verplichte kost voor alle Dordtenaren moeten zijn en niet in de laatste plaats voor degenen die zich bezig houden met de stadsmarketing. Een historicus die zich niet alleen uitstekend in de materie verdiept, maar het ook nog eens boeiend maakt voor een breed lezerspubliek. Een ‘must have’!’

Jona Lendering op Mainzer Beobachter en Historiek:
'Henk 't Jongs liefde voor zijn stad spat van elke bladzijde, wat De oudste stad van Holland aangename lectuur maakt. Aanbevolen, ook als u niet woont in Dordrecht, ja zelfs als u woont in Geertruidenberg.'

De Oudste stad van Holland
- Bindwijze: paperback
- Taal: Nederlands
- ISBN: 9789401916882
- Pagina's: 240
- Publicatiedatum: 27-07-2020

 

Met dank aan de makers van alle originele afbeeldingen.

Bronnen:
Henk 't Jong en uitgeverij Omniboek.
Wikipedie en het verdere internet.

 

Column 64 van uw columnist.

Deel dit bericht met je vrienden!

Hennie van der Zouw

Hennie van der Zouw

Hennie van der Zouw, oud leerkracht uit het basisonderwijs is geboren in Bolnes in de gemeente Ridderkerk en sinds 1995 is hij inwoner van Alblasserdam. Hennie is getrouwd en vader van een zoon. Hij is geinteresseerd in computers, I.C.T., stripverhalen, sport en geschiedenis.

Hennie heeft in de laatste twintig jaar een aantal artikelen gepubliceerd in het Stripschrift, een blad met achtergrondverhalen over strips en het beeldverhaal in het algemeen.

Hennie is ook de webmaster van de websites van H.V. Anderz.

Hennie heeft inmiddels, onder pseudoniem een aantal sportboeken gemaakt en in eigen beheer gepubliceerd bij Brave New Books. De boeken over wielrennen, voetbal en schaatsen weerspiegelen Hennie 's interesse in sport, en er zijn onder zijn eigen naam inmiddels ook twee bundels van zijn hier op alblasserdam.net gepubliceerde columns verschenen en nu is hij druk bezig met een tweedelige biografie over zijn vader..

In december 2016, zo rond Sinterklaas is de tweede bundel van deze columns verschenen. Columns, altijd verankert in de geschiedenis, die proberen om Alblasserdam in het grotere verband van de wereldgeschiedenis en de tijd te laten zien......

 

Overzicht columns