Sered

Sered is een stad in Zuid-Slowakije, vlakbij Trnava en ten oosten van Bratislava, aan de rechteroever van de rivier de Váh in het Donau-laagland. De stad telt ongeveer 17.224 inwoners. Tot 2012 was Sereď partnerstad van Alblasserdam. In 2012 besloot het gemeentebestuur echter de stedenband op te zeggen.

Uw columnist herkende uit bovenstaande alinea de naam Trnava. Want in een eigenlijk toch al ver verleden speelde de Nederlandse voetbalclub Ajax enkele keren tegen Spartak Trnava uit de stad Trnava.

Datum
Competitie
Wedstrijd
Uitslag
04-08-1973
Vriendschappelijik
Ajax - Spartak Trnava
3 - 5 (2 - 0)
24-11-1971
Vriendschappelijk
Ajax - Spartak Trnava
2 - 0 (2 - 0)
24-04-1969
Europa Cup
Spartak Trnava - Ajax
2 - 0 (1 - 0)
13-04-1969
Europa Cup
Ajax - Spartak Trnava
3 - 0 (1 - 0)


Geografie

Sereď is een Slowaakse gemeente in de regio Trnava en maakt deel uit van het district Galanta. Sereď telt 17.224 inwoners. De gemeente ligt op een hoogte van 128 meter en beslaat een oppervlakte van 30,45 km² (2024). Ze is gelegen in het Donau-laagland aan de rivier de Váh, ongeveer 20 kilometer ten zuidoosten van Trnava, 33 kilometer ten westen van Nitra en ongeveer 55 kilometer ten oosten van Bratislava. De dichtstbijzijnde bergketens zijn de Kleine Karpaten in het westen en Považský Inovec in het noorden.

Geschiedenis

De plaats sered werd voor het eerst vermeld in 1313 als Zereth. In de middeleeuwen lag ze aan de handelsroute die bekendstond als de "Boheemse Weg" en die op de rechteroever van de rivier de Váh van Boeda naar Praag liep. Dankzij deze ligging werden er markten voor vee en graan gehouden en trokken er jaarlijks duizenden stuks vee door de plaats. De commerciële betekenis ervan nam af in 1846, toen de spoorlijn Pozsony-Nagyszombat (tegenwoordig: Bratislava-Trnava) werd aangelegd. De markttraditie van Sereď bleef echter bestaan; elk jaar op de dag van Sint-Jan de Doper (24 juni) vinden de markt en het bierfestival van Sereď plaats.

Sereď was tot 1943 – toen er bij Nosice een dam in de Váh werd gebouwd – ook een belangrijke haven voor vlotten en een knooppunt voor het scheepvaartverkeer. Omdat vlotten niet alleen hout maar ook zout uit Polen vervoerden, werd er een groot zoutpakhuis gebouwd en was hier de zoutautoriteit gevestigd. De gunstige ligging trok ook industriële investeringen aan. In 1845 werd er een suikerraffinaderij geopend, die later werd omgevormd tot een koffieverwerkings- en bakkerijbedrijf.

In 1910 telde de plaats 5371 inwoners, waaronder 2941 Slowaken, 1943 Hongaren en 429 Duitsers. Tot 1918 maakte de plaats deel uit van het district Galánta in het comitaat Pozsony van het Koninkrijk Hongarije. Na het Verdrag van Trianon werd de plaats in 1920 onderdeel van Tsjecho-Slowakije.

Tweede Wereldoorlog

Sereď was de locatie van een van de drie werkkampen voor Joden die werden opgezet in de Eerste Slowaakse Republiek, want dat was een vazalstaat van nazi-Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De 'Joodse Codex', die in 1941 door Slowakije werd aangenomen, voorzag in de oprichting van werkkampen voor Joden. In de winter van 1941–1942 werd een groep Joodse vaklieden naar een militair kamp nabij Sereď gestuurd om het kamp gereed te maken voor Joden die tot dwangarbeid waren opgeroepen. Nog voordat de werkzaamheden voltooid waren, gebruikten de Slowaakse autoriteiten het kamp al als detentiecentrum voor Joden en als verzamelpunt voor deportatie naar Polen. De Hlinka-garde, onder leiding van Imrich Vasina, voerde het beheer over het kamp.

In vijf transporten werden 4.500 Joden vanuit het kamp Sereď naar Polen gedeporteerd. In 1944 ontstond er een ondergrondse verzetsbeweging in het kamp en werden er wapens naar binnen gesmokkeld. Veel Joden verlieten het kamp en sloten zich aan bij de partizanen toen het kamp werd opengesteld tijdens de Slowaakse Nationale Opstand in augustus 1944. Kort daarna herstelden de Duitsers echter de controle over West-Slowakije en werd het kamp onder bevel van Alois Brunner uitgebreid. In de daaropvolgende maanden – tijdens de winter van 1944 en het voorjaar van 1945 – werden 13.500 Joden vanuit Sereď naar Auschwitz en Theresienstadt gedeporteerd. Het kamp werd op 1 april 1945 door het Rode Leger bevrijd.

Economie

Sinds 1845 wordt er suiker geproduceerd uit suikerbieten die op de nabijgelegen velden worden geteeld. Ook worden er in Sereď al sinds de 19e eeuw koffiesurrogaten geproduceerd, zoals rogge- en moutkoffie of cichorei. De stad staat bekend om de productie van koekjes, biscuits en wafels.

In 1950 vestigde de mousserende-wijnproducent Hubert zich in de stad. Voortbouwend op de rijke wijntraditie werd er in de jaren vijftig een moderne wijnverwerkingsfabriek opgezet. Er wordt hier wijn geproduceerd met behulp van de nieuwste technologieën. Tegenwoordig wordt mousserende wijn geproduceerd volgens klassieke champagnemethoden, maar ook fermentatie in tanks wordt toegepast.

Tijdens het socialistische tijdperk was Sereď een centrum voor de productie van nikkel, maar na de val van dat regime werd de smelterij gesloten om het karakter van Sereď als traditionele landbouwregio te behouden. Enkele jaren geleden startte een producent van glasweefselproducten zijn activiteiten in Sereď. Ook vestigde zich hier een fabriek die een breed assortiment betonnen bestratingselementen voor tuinen produceert.

Sereď ligt aan de Europese route E58 (of E571), die van Wenen naar Rusland loopt. De spoorlijn Sereď-Trnava splitst zich af bij het station op de lijn Galanta-Leopoldov. Weg I/62 kruist hier de rivier de Váh, terwijl weg I/35 de stad met Galanta verbindt. De snelweg R1 van Trnava naar Banská Bystrica is verbonden met het lokale wegennet via de knooppunten Sereď-sever, Sládkovičovo en Galanta.

Zonen en dochters van de stad

Ik ga deze voor mijn doen toch wel korte column besluiten met een lijstje met bekende mensen uit sered, ik denk dat u niet veel van de namen zal herkennen, misschien enkele sporters. Ik belicht hieronder nog even de Joodse architect Rudolf Erdos. 

Miksa Weiß (1857–1927), schaakmeester
Martin Klein (1864–1924), Oostenrijks-Hongaars operazanger, violist, entertainer, toneelacteur, theatermanager en theaterdirecteur
Heinrich Rieger (1868–1942), Duits-Tsjechisch tandarts en kunstverzamelaar
Rudolf Erdös (1876–1935), Joods architect
Filip Müller (1922–2013), Joods auteur
Ján Nagy (1945–2025), gewichtheffer

Rudolf Erdös​

Rudolf Erdös (geboren op 29 juli 1876 in Sereď; overleden op 7 oktober 1935 in Wenen) was een Oostenrijks architect. Rudolf Erdös was afkomstig uit een Joods gezin en werd geboren in het gebied van het huidige Slowakije. Er zijn geen gegevens bewaard gebleven over zijn opleiding. Hij duikt opnieuw op in historische bronnen in 1905, wanneer hij als architect in Wenen werkzaam is. Tot de Eerste Wereldoorlog dreef hij een succesvol architectenbureau; na de oorlog voorzag hij in zijn levensonderhoud door middel van makelaardij, handelsagentschappen en activiteiten in de horeca. Tot aan zijn dood woonde hij in Hotel Carlton aan de Wiedner Hauptstraße, een gebouw dat hij zelf had ontworpen en laten bouwen.

Betekenis

Als architect werkte Rudolf Erdös voor de hogere middenklasse. Zijn gebouwen zijn geworteld in het historisme en kenmerken zich door een imposante, prestigieuze uitstraling. Elementen van de Secession-beweging zijn slechts in geringe mate in zijn werk terug te vinden.

-.-

Tot zover deze column. Ik vond het toch wel belangrijk om de stad Sered, die zo lang als partnergemeente aan Alblasserdam was gekoppeld, nog even voor het voetlicht tehalen.


Bron foto's in fotoalbum: Google Streetview.

Hartelijk dank aan de makers van de teksten en de fotograaf van Streetview.


Vriendelijke groet van uw columnist.

Column nummer 97.





Kopfoto: By LukasValentovic - Own work (own work by uploader), CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=7375794​